zaterdag 28 december 2013

Adriaan van Dis

   "Zijn moeder las hem voor uit Nils Holgersson. Nathan hield niet van die slome op die vogel. Hij hield alleen van Gulliver. Die kon je niet lezen, die kon je alleen maar zien. Vorige week was hij voor het eerst van zijn leven met zijn vader naar de bioscoop geweest. Naar Gullivers reizen, in de zijzaal van De Rustende Jager. Gulliver was sterk en groot en nooit werd hij gepest. Hij sliep op zeshonderd bedden, stopte boeven in zijn broekzak en droeg prinsessen op zijn hand. Als hij honger had kreeg hij twintig karren brood en het sap van duizend appels. Zo wilde Nathan zijn, mooi, zonder sproeten en galbulten. Met zo'n open bloes met haar en zulke grote laarzen. En als je liep, liftten de lilliputters mee op je schoen. Net als Nathan ook weleens deed wanneer hij mocht neuzenlopen. Dan stond hij met zijn sokken op Pa Sids schoenen en deinde hij mee in reuzenpas."

Uit: Nathan Sid

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen